Tagarchief: immunotherapie

De eerste dosis Atezolizumab en Bevacizumab zit erin

De eerste dag van de behandeling was een lange dag. Half negen de deur uit en om 4 uur weer thuis. Dit alles omdat het de eerste keer was. Er was een voorlichtingsgesprek, een spreekuurbezoek met de oncologische verpleegkundige, bloedafname en uiteindelijk de behandeling.

Het voorlichtingsgesprek

De eerste afspraak was dus op de afdeling waar ik later die dag de behandeling zou krijgen. Ik val onder Medische Oncologie, maar Hematologie en Longoncologie patiënten worden hier ook behandeld.
In dit voorlichtingsgesprek gesprek werd er gevraagd naar de thuissituatie en hoe wij er samen ‘in’ staan. Verder werd er natuurlijk gesproken over de behandeling en een en ander werd verduidelijkt met een kort filmpje over wat immuuntherapie precies inhoud. Het filmpje gaf mij geen nieuwe informatie, maar dat is omdat ikzelf altijd alles uit,- en opzoek. Daarna kreeg ik zes (!) dubbelzijdige A4-tjes met een overzicht van de eventuele bijwerkingen van Atezolizumab en Bevacizumab. Het advies hierbij was om het niet te gaan lezen, maar pas op het moment dat je ergens last van hebt. Ook werd duidelijk gemaakt wanneer je contact op moet nemen met het ziekenhuis en dat je daar niet terughoudend in moet zijn. Voor de zekerheid kreeg ik een recept mee om misselijkheid tegen te gaan. Dit medicijn kon ik bij mijn eigen apotheek ophalen.
Mijn man en ik merken wel dat wij erg nuchter zijn. De gesprekken voelen soms aan alsof je al met één been in het graf staat. Er wordt zacht en zalvend gesproken. Ik weet dat iedereen anders met zijn ziekte omgaat en dat dat voor een ander moeilijk is in te schatten, maar ik krijg jeuk van deze manier van praten. Dan denk ik: “kom op, we gaan ervoor”.

Daarna volgde een korte rondleiding over de afdeling. Het is een grote ruimte die zacht verlicht is en patiënten liggen daar tussen schotjes hun behandeling te krijgen. Je heb dus wel iets privacy, maar je ziet wel je overbuurman/vrouw.

Op controle

De volgende afspraak was met de verpleegkundig specialist van de medische oncologie. Dit een gesprek wat je telkens voor of na een behandeling krijgt. Het gesprek was kort maar krachtig. Het worden in eerste instantie 17 behandelingen die om de drie weken plaatsvinden (dit is dus een jaar).
Het resultaat van de CT-scan werd besproken. Het blijkt dat er in mijn lever dus drie plekjes zitten die worden aangeduid met LI-RAD 4/5, dit zijn dus kwaadaardige tumoren. LI-RAD is een manier om aan te geven wat voor classificatie afwijkingen krijgen die men op de CT-scan of MRI ziet. LR-1 is 100% goedaardig, LR-2 is waarschijnlijk goedaardig, bij LR-3 is er waarschijnlijkheid voor HCC, LR-4 is hoogstwaarschijnlijk HCC en LR-5 is 1000 % HCC. Verder blijkt dat er één spiermetastase in de buikwand zit. In Jip en Janneke taal: er zit een uitzaaiing van de leverkanker (HCC) in een spier in de buikwand. Heb ik weer, nooit doen mijn buikspieren wat en nu ineens wel. Na dit gesprek bleek dat ik ook nog bloed moest laten prikken en dat ik dat voortaan altijd voor de dagbehandeling moet laten doen. De uitslag van je bloedwaarden hebben ze namelijk nodig alvorens ze met de behandeling starten. Het duurt minimaal een uur om alle uitslagen binnen te krijgen dus mijn behandeling begon wat later dan eigenlijk de bedoeling was.

De dagbehandeling

Omdat het de eerste keer was mocht mijn man mee naar binnen en bleek ik ook een apart kamertje te hebben in plaats van een bed in de grote ruimte. Dat was fijn. 
Er moest een infuus worden aangelegd en dat ging weer als vanouds: niet. Uiteindelijk hebben drie verschillende verpleegkundigen zes pogingen gedaan en toen zat het infuus er eindelijk in. Ik was inmiddels aan het huilen, want mijn linkerarm leek wel een speldenkussen en sommige prikplekken waren behoorlijk pijnlijk. Er is wel een notitie gemaakt zodat het de volgende keer (hopelijk) anders gaat. Toen mijn bloedwaarden in orde bleken kon de behandeling worden gestart. Eerst werd er gespoeld met een zoutoplossing en daarna werd het eerste infuuszakje aangesloten. Normaliter loopt dit infuus een half uur, maar omdat het de eerste keer is wordt het infuus langzamer gezet zodat het er een uur over doet. Dan kan men monitoren hoe je op het medicijn reageert. In de tussentijd kreeg ik wat te eten en te drinken. Na het eerste infuus werd er weer gespoeld met de zoutoplossing en daarna werd het tweede medicijn aangesloten. Dit tweede infuus ging sneller, namelijk 20 minuten. Daarna weer spoelen en toen waren we klaar.

De eerste week na de behandeling

Inmiddels zijn we een week verder. Ik had mij afgelopen week uit voorzorg ziek gemeld van mijn werk. Je weet totaal niet wat er met je gaat gebeuren dus leek mij dit de beste oplossing. Mijn linkerarm is bont en blauw van al het (mislukte) prikken, maar qua bijwerkingen moet ik zeggen dat het tot nu toe meevalt. Ik heb het koud en was de eerste paar dagen een beetje misselijk en moe. Ik had wel eetlust. Ik heb eigenlijk de hele dag wel trek. Een cappuccino of een Latte Macchiato gaat er wel in, maar mijn geliefde espresso krijg ik niet weg. Ik heb ook gemerkt dat ik goed moet ontbijten, want het is nu twee keer gebeurd dat ik trillerig en zweterig werd tijdens de flinke ochtendwandeling met de hond. Dat heb ik normaal niet. Dus ik ga nu op pad na drie boterhammen in plaats van één en heb ook uit voorzorg een Twix mee voor onderweg. Ik gebruik geen geparfumeerde producten meer en ben ook weer gestart met een dagboek. Hierin schrijf ik wat ik eet en drink en of ik ontlasting heb gehad. Ook het aantal stappen, hoeveelheid slaap en bijzonderheden schrijf ik op. Uit ervaring weet ik dat dit erg handig is, op deze manier heb je snel in de gaten of er iets veranderd. Ik hoop dat het hierbij blijft, maar dat moet de toekomst uitwijzen.

Veel liefs,
Marjan

Wat brengt de toekomst?

Begin september ’22 hadden we een afspraak met de verpleegkundig specialist van de afdeling medische oncologie. Zoals ik al schreef in mijn laatste post heb ik mij in de aanloop naar deze afspraak ingelezen in wat systeemtherapie, immuuntherapie en doelgerichte therapie (targeted therapy) nou eigenlijk is.

Eerstelijnsbehandeling

Ik had op de website van de Nederlandse Leverpatiënten Vereniging een webinar over kwaadaardige levertumoren teruggekeken van het Regionaal Academisch Kankercentrum Utrecht (RAKU). Hier kreeg ik veel informatie. Zo heb ik geleerd dat bij ‘mijn’ kanker: hepatocellulair carcinoom (HCC) chemotherapie niet vaak wordt ingezet omdat het toedienen via de bloedbaan niet werkt. Dan blijft dus immuuntherapie en doelgerichte therapie over. Mooie woorden, maar wat is het precies? Immuuntherapie maakt het immuunsysteem extra actief en doelgerichte therapie remt één of meerdere signalen.

Tot voor kort werd Sorafenib standaard als systemische behandeling ingezet. Sinds 2021 is een combinatie van immuuntherapie en doelgerichte therapie goedgekeurd als eerstelijnsbehandeling voor HCC. Je moet dan natuurlijk wel aan alle voorwaarden voldoen, wat gelukkig zo is bij mij. Vanaf vandaag (19-9) ga ik dus starten met deze behandeling. Het zal via een infuus worden toegediend. Dus iedere drie weken naar het ziekenhuis. Dan krijg je de behandeling en een gesprek met een arts en iedere 9 weken volgt dan een scan.

Erfelijke aanleg?

Tijdens het consult worden we even kort voorgesteld aan het hoofd van het behandelteam. Ik word lichamelijk onderzocht en moet ik allerlei vragen beantwoorden. Het vermoeden is dat mijn kanker erfelijk is. Als je erfelijke aanleg voor kanker hebt, zit er een afwijking in je DNA waardoor je kans op kanker groter is. Die afwijking heb je meestal van één van je ouders geërfd (goed om te weten: kanker zelf is nooit erfelijk. Je erft de erfelijke aanleg). Dit vermoeden hadden we zelf ook al. Uit de lijn van mijn vader en zijn moeder is iedereen aan een vorm van kanker overleden. Het zou ook een verklaring kunnen zijn waarom ik, met een gezonde lever, primaire leverkanker heb gekregen. Het is namelijk niet ‘logisch’. Dat blijkt ook weer uit het lichamelijke onderzoek en mijn antwoorden. Ze hebben niet vaak iemand op het consult die zich goed voelt en geen medicijnen slikt. Na het consult moet ik weer wat bloed laten prikken en een week later volgt er nog een CT-scan van mijn buik. Dit is allemaal voor de 0-meting. Op deze manier kun je goed zien wat de behandeling gaat doen. Inmiddels heb ik ook al een formulier ontvangen van de afdeling klinische genetica. Hier moest ik alle gegevens van mijn familie invullen. Voor mij heeft het niet echt een toegevoegde waarde, ik heb geen kinderen. Ik snap wel dat het vanuit medisch perspectief goed is om te weten.

Maar wat gaat er eigenlijk in je lichaam?

Medicijnen hebben (helaas) nooit een makkelijke naam, maar gelukkig hoef ik het alleen op te schrijven en niet uit te spreken. Ik ga Atezolizumab krijgen, het behoort tot de geneesmiddelen immunotherapie. Immunotherapie is een behandeling die het afweersysteem stimuleert om kankercellen aan te vallen. Het afweersysteem gaat deze cellen beschouwen als vreemde cellen, net zoals bij bacteriën en virussen. De afweercellen ruimen deze cellen op. De behandeling werkt niet direct op de tumor, maar activeert het afweersysteem.

Het andere middel is Bevacizumab. Het behoort tot de geneesmiddelen groep doelgerichte therapie. Bevacizumab is een monoklonaal antilichaam. Dit antilichaam is in staat zich selectief te binden aan een eiwit in de bloedvaten. Dit eiwit helpt de vorming van nieuwe bloedvaten rondom de tumor te remmen. Hierdoor wordt de toevoer van voedingstoffen en zuurstof naar de tumor geblokkeerd.

De bijwerkingen

Er kunnen natuurlijk bijwerkingen optreden. Over het algemeen blijken deze mee te vallen, maar we houden een slag om de arm met mijn ‘track record’. Je kunt er van alles van krijgen zoals ontstekingen. Deze kunnen voorkomen van het puntje van je teen tot aan je haarwortel en alles er tussenin. Verder nog een hele lijst bijwerkingen, waar ik mij nu nog niet druk om ga maken. Als je de bijsluiter van Paracetamol leest wordt je ook niet vrolijk, maar je slikt het wel.  Het enige wat ik heb gedaan is zeepvrije, hydraterende zeep, shampoo, lotion etc. besteld. Je kan namelijk ook een huidreactie krijgen en deze spullen liggen niet bij Albert Heijn in het schap. Ik zal nog wel meer info krijgen voorafgaand aan de eerste behandeling, want daar is een uur voor uitgetrokken.

Prognose

Inmiddels had ik mijn vragenlijst bijna afgewerkt, maar er stond nog één vraag op…. Wat is de prognose? Een logische, maar beladen vraag. Je krijgt geen tijd te horen. Het is van zoveel dingen afhankelijk. Slaat de behandeling aan? Hoe reageer je op de behandeling? Ik krijg een wedervraag “wat zou je nog willen doen?” Daar schrik ik van en dat is ook de bedoeling, denk ik. Het gaat erom dat je nu in geleende tijd leeft. Hoe lang die geleende tijd is dat weet men niet. Maanden, jaren? Ook dokters hebben geen glazen bol.  Het enige wat ik te horen krijg is dat men deze behandeling niet zouden starten als mijn prognose drie maanden zou zijn. Dus we gaan weer met goede moed aan de slag.

Veel liefs,
Marjan